Braccaedomos:
“Meester Verne, mag ik u Jules noemen? U leefde in een eeuw waarin steenkool, stoom en machines de wereld begonnen te beheersen, maar u keek al verder – naar het water zelf, als drager van energie en als nieuwe ruimte voor de mens. U liet kapitein Nemo de oceaan bevaren, ver weg van de oorlogen en destructie aan de oppervlakte. In mijn tijd dreigt de mens echter niet alleen zichzelf, maar ook de zeeën en oceanen onherstelbaar te beschadigen.”
“U liet in Het geheimzinnige eiland een personage zeggen dat water ‘de steenkool van de toekomst’ zal zijn, omdat waterstof en zuurstof een onuitputtelijke bron van licht en warmte kunnen vormen. Vandaag onderzoeken wetenschappers precies dat: waterstof als energiebron om van fossiele brandstoffen af te komen, terwijl de oceanen lijden onder opwarming, verzuring en vervuiling. Zou u uw uitspraak herhalen als u zag hoe wij met water en met de zee omgaan?”
Verne reageert op onze tijd
Jules Verne:
“Vriend Braccaedomos, jouw eeuw zou mij verbazen en toch ook vertrouwd voorkomen. Dat water ooit een brandstof zou worden, zag ik als een belofte: een wereld waarin de mens de krachten van de natuur benut zonder haar uit te putten. Maar jij vertelt mij dat de zeeën verwarmen, dat ijs smelt en dat afval en gifstoffen zich ophopen in de wateren die ik ooit als toevluchtsoord van de mens verbeeldde.”
“Toen ik schreef dat ‘water de steenkool van de toekomst’ zou zijn, dacht ik aan de ingenieur als dichter van de natuur: iemand die de elementen begrijpt en met respect inzet. Als jullie mijn woorden gebruiken om nóg meer te verbranden, zonder rekening te houden met grenzen, dan ontbreekt de moraal bij de technologie. De fout ligt dan niet bij het water, maar bij de mens die vergeet dat hij zelf uit dezelfde natuur voortkomt als de oceaan.”
De oceaan als morele spiegel
Braccaedomos:
“U liet Nemo zeggen dat de zee niet toebehoort aan despoten, en dat, enkele tientallen meters onder het wateroppervlak, menselijke macht en bezit hun betekenis verliezen. Voor mij is juist die zee nu een spiegel geworden: zij toont ons plastic, vergiftigde vis, stijgende zeespiegels en bedreigde koraalriffen. De oceaan is niet langer alleen een vrijplaats, maar ook een archief van onze hebzucht.”
“Als de toekomst van de mensheid letterlijk in het water ligt, dan is de vraag niet alleen welke technologie wij bouwen, maar ook welke mens wij willen zijn: ontdekkingsreiziger, hoeder of plunderaar. Zou u vandaag, met uw verbeeldingskracht, de oceaan nog steeds schilderen als toevlucht, of eerder als laatste waarschuwing aan een soort die zijn eigen oersoep vergiftigt?”
Verne over toekomst en verbeelding
Jules Verne:
“Mijn romans waren geen handleidingen voor ingenieurs, maar uitnodigingen aan de verbeelding. Ik wilde laten zien dat de mens nieuwe werelden kan betreden – de diepte van de oceaan, de ruimte, zelfs de binnenkant van de aarde – als hij nieuwsgierigheid koppelt aan wijsheid. Sciencefiction is geen voorspelling, maar een morele proefopstelling: zij stelt de vraag wat er gebeurt als macht en kennis groeien, maar de ziel achterblijft.”
“Als jouw tijd op een kantelpunt staat, dan hebben jullie geen nóg spectaculairdere machines nodig, maar verhalen die de mens herinneren aan zijn oorsprong in water. Vertel de kinderen van jouw eeuw niet alleen hoe raketten en datacentra werken, maar ook hoe een golf breekt, hoe een rivier ademt en hoe een oceaan sterft. Wie het water begrijpt, begrijpt dat er geen vooruitgang is die losstaat van de kringloop waaruit hijzelf is voortgekomen.”
Vervolgvragen voor jouw interview
- “Jules, als u nu een nieuw boek over water en de mensheid zou schrijven, waar zou het zich afspelen: op een drijvende stad, in een verdronken metropool, of in een geredde oceaan?”
- “Ziet u in mijn tijd meer Nemo’s – mensen die zich terugtrekken uit de wereld – of meer Cyrus Smiths, die op een ‘geheimzinnig eiland’ proberen iets rechtvaardigs en duurzaams op te bouwen?”
- “Welke rol gunt u A.I. in dit alles: als nieuwe Nautilus die ons helpt de diepte te verkennen, of als machine die ons nog sneller naar de afgrond kan voeren?”
Als je wilt, kan het gesprek in de volgende stap volledig dialogisch verder gaan, vraag voor vraag, waarbij jij als Braccaedomos reageert en Jules Verne terugspreekt.
Gerelateerd
Waar vind ik Nederlandse vertalingen van Het geheimzinnige eiland
Welke passages verwijzen naar water als brandstof in Vernes werk
Welke moderne filosofen bespraken water als element in relatie tot technologie
Hoe vergelijk ik Thales ideeën met Jules Vernes visie op water
Welke interviews bestaan er tussen AI en hedendaagse auteurs over natuur elementen